Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Verkeer en Waterstaat

 
KNMI Klimaatscenario's
KNMI'06: Introductie
21-08-2006

Indeling van de KNMI'06 scenario's
Het klimaat in Nederland verandert. Hoe het verandert is vooral afhankelijk van de wereldwijde temperatuurstijging en van veranderingen in de stromingspatronen van de lucht in onze omgeving (West Europa) en de daarmee samenhangende veranderingen in de wind. De indeling van de scenario's is daarom op deze twee aspecten gebaseerd (Figuur 1).

Fig.1 Schematisch overzicht van de vier KNMI'06 klimaatscenario's. Zie onderstaande legenda voor toelichting.
Schematisch overzicht van de vier KNMI'06 klimaatscenario's. Zie onderstaande legenda voor toelichting.

Legenda voor de KNMI'06 klimaatscenario's voor Nederland
Code Naam Toelichting
G Gematigd 1 °C temperatuurstijging op aarde in 2050 t.o.v. 1990
geen verandering in luchtstromingspatronen West Europa
G+ Gematigd + 1 °C temperatuurstijging op aarde in 2050 t.o.v. 1990
+ winters zachter en natter door meer westenwind
+ zomers warmer en droger door meer oostenwind
W Warm 2 °C temperatuurstijging op aarde in 2050 t.o.v. 1990
geen verandering in luchtstromingspatronen West Europa
W+ Warm + 2 °C temperatuurstijging op aarde in 2050 t.o.v. 1990
+ winters zachter en natter door meer westenwind
+ zomers warmer en droger door meer oostenwind
Onder "Samenvatting" zijn de bijbehorende klimaatveranderingen rond 2050 en 2100 uitgedrukt in cijfers.

Omgaan met onzekerheden
Welke onzekerheden zijn er?
De uitkomsten van de modelberekeningen van de toekomstige temperatuurstijging op aarde verschillen onderling aanzienlijk. Dit hangt samen met:
  • onzekerheid over de toekomstige bevolkingsgroei en de economische, technologische en sociale ontwikkelingen, en de daarmee samenhangende uitstoot van broeikasgassen en stofdeeltjes;
  • onvolledige kennis van de complexe processen in het klimaatsysteem. Zo is de invloed van waterdamp, wolken, sneeuw en ijs op de stralingshuishouding en de temperatuur nog niet goed gekwantificeerd. Sommige processen worden in de modelberekeningen zelfs nog helemaal niet meegenomen. Zo heeft geen van de gebruikte klimaatmodellen een actieve koolstofkringloop. Bovendien zijn er ook fundamentele grenzen aan de voorspelbaarheid van complexe systemen zoals het klimaatsysteem.
Voor kleinschaliger regio's, zoals West Europa of Nederland, is de onzekerheid nog groter. Dan speelt de luchtstroming een belangrijke rol. De meeste klimaatmodellen berekenen een duidelijke verandering in de luchtstromingspatronen boven West Europa, maar de uitkomsten verschillen sterk in de aard en grootte van die verandering.
Scenario's of verwachtingen?
Om met deze onzekerheden om te gaan, heeft het KNMI uit de brede waaier van toekomstberekeningen vier verschillende oplossingen (scenario's) geselecteerd. Voor die situaties wordt een zo compleet mogelijk beeld geschetst van ons toekomstig klimaat.

Bij verwachtingen wordt meestal aangegeven hoe waarschijnlijk ze zijn. De KNMI scenario's zijn stuk voor stuk aannemelijk, maar met de huidige kennis is niet aan te geven welk scenario het meest waarschijnlijk is.